Montagehandleiding fotobehang papier P van www.Nikkel-art.nl

Montagehandleiding fotobehang van www.Nikkel-art.nl

Fotobehang papier P

Fotobehang papier P – Classic P, Stucco P, Sand P, Linen P, Smooth P

 

Opmerkingen:

– Ondanks dat het fotobehang vervaardigd is van materiaal van hoge kwaliteit, dient de bevochtigde band voorzichtig behandeld te worden zodat deze niet scheurt.

– Denk eraan dat elke print in beperkte mate bestand is tegen mechanische slijtage.

– De volgende vlakken worden op dezelfde manier geplakt door deze met 15 mm overlapping te plakken. Dat betekent dat elk vlak behang 15 mm op het eerder geplakte vlak overloopt. Let op: wanneer het behang direct naast elkaar wordt geplakt, klopt het sjabloon niet.

– Het is zeer belangrijk om de volgende delen/stroken behang even lang met lijm te laten intrekken. Langer of korter laten intrekken zorgt ervoor dat de delen verschillende lengte krijgen en de patronen niet bij elkaar kunnen passen.

– Als het behang oprolt, betekent dit dat het onvoldoende is doordrenkt met lijm.

– De randen van het behang kunnen na het plakken het meest onder spanning komen te staan en drogen het snelst omdat ze zich aan de zijkant bevinden. Daarnaast kan men bij het aanbrengen van de lijm bij de randen minder aanbrengen. Om de randen bij te plakken kan METYLAN lijm gebruikt worden (in tube).

– Denk eraan dat het niet mogelijk is om het verbindingseffect op het raakpunt voor 100% te voorkomen. Een passende voorbereiding van het ontwerp en keuze van de afbeelding kan helpen.

– Het wordt aanbevolen om gedurende een maand niets op een nieuwe muur te plakken, om de muur te laten indrogen. Controleer of de verf waarmee de wand geschilderd is, de hechtsterkte niet vermindert.

 

Voorbereiding van de wand:

De juiste voorbereiding van de ondergrond voor de installatie van het behang is het belangrijkst en voorwaarde voor een goed eindresultaat. Daarom dient dit buitengewoon zorgvuldig te worden gedaan.

– Het voorbereide oppervlak dient schoon, droog te zijn, met lage absorptie, glad en vrij van stof en resten van pigmenten die in het behang kunnen trekken.

– Verwijder oud behang. Oude verflagen die de muur gedeeltelijk of geheel bedekken en het doordringen van de lijm in de ondergrond kunnen bemoeilijken, dienen verwijderd te worden.

– Alle beschadigingen, krassen en ongelijkheden dienen opgevuld te worden en vervolgens geschuurd te worden met worden met schuurpapier. Hierna dient dit gereinigd te worden met water en ontvettingsmiddel.

– Bij te absorberende of poreuze wanden (ook bij droog lijstwerk en gipsplaten) is het nodig om een grondlaag toe te passen. Voor het aanbrengen van de grondlaag dient u te testen of het gebruikte middel intrekt en niet op de oppervlakte van de wand als laag achterblijft.

– Als het niet duidelijk is of de wand een grondlaag nodig heeft, dient deze preventief aangebracht te worden.

– Gestuukte wanden: controleer voor het plakken van het behang of het oppervlak droog is.

– Eventueel kunnen bij pas gepleisterde wanden de bases die hierin aanwezig kunnen zijn geneutraliseerd worden met een grondlaag.

– Bij wanden die eerder geschilderd zijn met emulsieverf dient op het wandoppervlak waar het behang geplakt gaat worden met behulp van een penseel of een rol een dunne laag behanglijm te worden aangebracht. Wacht vervolgens tot de wand geheel droog is. Deze behandeling zorgt ervoor dat de lijm niet te snel in de wand trekt, wat ervoor zorgt dat de ligging van het behang verbeterd kan worden en golven en luchtbellen tegengegaan kunnen worden.

– Plak geen behang op nat oppervlak. Wacht totdat de wanden geheel droog zijn. Wanneer u dit niet doet, riskeert u dat de hechting van de lijm vermindert en schimmel ontstaat.

 

Voorbereiding van het fotobehang:

Voor het plakken dient u de staat van het fotobehang te controleren.

Leg voor de beoordeling van de staat van het behang en om te zijn of dit aan de verwachtingen voldoet de stroken naast elkaar op een droge en schone ondergrond met de opdruk naar boven. Als het behang uit een aantal vlakken bestaat, controleer dan of het patroon klopt, of de kleur of gewicht van de verschillende fragmenten op de verbindingen niet verschilt.

 

Lijmen:


1. Begin het behangen met het plannen van de ligging van de behangvlakken op de wand (het wordt aanbevolen om van raam naar deur te behangen). Zet daarna een lijn (met potlood) voor de rand voor het plaatsen van het eerste vlak behang. Het is belangrijk om deze lijnen nauwkeurig te zetten. Dit voorkomt eventuele problemen met het eventuele verschijnen van reeds geplakte stroken.

2. Wanneer de wand juist is voorbereid, dient u het eerste stuk behang op een grote tafel te leggen. Leg dit met de afbeelding naar beneden en breng een dikke laag lijm aan met een rol of penseel. Let er bij het aanbrengen van de lijm op dat de randen van het behang goed bedekt worden. Bedek niet meer dan een stuk behang met lijm per keer. Vouw de strook behang voorzichtig met de met lijm bestreken kanten naar binnen, zodat het hele oppervlak dat met lijm is bestreken onzichtbaar is en geen contact heeft met de lucht, wat ervoor zou kunnen zorgen dat deze opdroogt.

Let erop dat het behang niet gekreukt wordt. Dit kan zichtbaar zijn na het leggen van het behang. BELANGRIJK: het behang dient zo te worden gevouwen dat alle oppervlakken die met lijm zijn besmeerd elkaar raken, zodat het onmogelijk is dat het oppervlak met lijm het oppervlak met afbeelding raak wanneer dit wordt opgerold.

3. Laat het opgerolde behang 5 minuten liggen zodat de lijm goed intrekt. In deze tijd zwellen de stroken op, wat ervoor kan zorgen dat de strook behang circa 1 cm breder wordt. Laat het behang niet te lang liggen zodat de lagen niet vastplakken. Tijdens deze 5 minuten kan een laag lijm op de muur aangebracht worden waardoor het makkelijk wordt om het behang te leggen.

4. Spreid de stroken na 5 minuten uit en leg deze op de wand met de ingesmeerde kant. Dit kunt u het beste met z’n tweeën doen. Elk van hen houdt twee hoeken van het behang vast wat ervoor zorgt dat het precies op de wand wordt geplaatst. Pas het patroon precies op de hiervoor geplakte strook.

5. Alle randen worden professioneel gesneden en dienen 15 mm te overlappen. Dit betekent dat elk volgend stuk behang 15 mm over het eerder aangebrachte stuk komt. Let op: wanneer behang precies naast elkaar wordt gelegd, klopt het patroon niet.

6. Maak vervolgens het beplakte oppervlak glad met een rubber rol en “druk” luchtbellen weg door deze naar de rand van het behang te verschuiven (bellen niet doorprikken). De randen van de strook hebben de neiging los te raken. Plak daarom de randen van de verschillende delen/stroken behang goed vast, het best met behulp met een harde rol, die ervoor zorgt dat de randen goed aangedrukt worden. Als de lijm op de wand al droog is en de randen nog steeds losraken dient er een extra laag lijm op de randen te worden aangebracht en de randen opnieuw aangedrukt te worden met de rol.

7. Verwijder overmatige lijm met een vochtige en schone spons. Doe dit na het aanbrengen van elke strook behang, zodat de lijm niet opdroogt. Wrijf in geen geval meerdere keren over dezelfde plek en gebruik geen chemische reinigingsmiddelen. De drogende lijm kan het oppervlak van het behang beschadigen.

8. Het is zeer belangrijk om volgende delen/stroken behang net zo lang met lijm te laten intrekken. Als dit langer of korter duurt, kan dit ervoor zorgen dat de delen een andere lengte krijgen en de patronen niet passen.

9. Verwijder luchtbellen met behulp van een rubber rol.

10. Snij met een scherp mes de boven- en onderrand van de gelegde stukken bij.

http://www.nikkel-art.nl/content/12-fotobehang-papier-p

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*